Het werken

In de jaren 80 van de vorige eeuw, toen het bejagen van de vos volop mogelijk was, zijn er ter voorbereiding op het echte werk een aantal proeven ontwikkeld. Parson & Jack Russell Terriërs werden hier op getraind, waarna aan de hand van de resultaten van de proeven bekeken werd of zij daadwerkelijk geschikt waren voor het echte werk.

Werkende Parson

Een aantal van deze proeven, zijn in 1993 door de toenmalige rasvereniging voor de Parson & Jack Russell Terriërs, de J.R.T.C.N. erkend en opgenomen in hun werkhonden certificaat reglement, hetzij in enigszins gewijzigde vorm. De vereniging wilde een eis stellen binnen het fokbeleid: elke Parson of Jack Russell Terriër dekreu van elke fokker zou moeten kunnen werken. Helaas werden hierdoor de normen waaraan een werkhond zou moeten voldoen verlaagd. Ondanks dat deze eis inmiddels binnen het fokbeleid verdwenen is, wordt er door de opvolgers van de toenmalige J.R.T.C.N. nog steeds met deze verlaagde normen gewerkt.

Het zelfstandig bejagen van de vos zal altijd in een bepaalde (logische) volgorde gaan. Allereerst moet de hond het geurspoor van de vos boven de grond volgen. Meestal zal dat eindigen bij de ingang van een vossenbouw (het huis van de vos, eigenlijk een gangenstelsel met één of meerdere 'ketels'). De hond volgt het geurspoor tot in de bouw. Hij is nu aan het onderlopen.

Zodra de hond de vos heeft gevonden, blaft hij, zodat de jager weet waar de vos en de hond zich bevinden. Tegenwoordig wordt ook veel gebruik gemaakt van een zender (Deben Locator), waardoor de jager door middel van de zender weet waar de hond zich bevindt. Dit in verband met de veiligheid van de hond: als hij ergens vast komt te zitten, moet de jager hem uitgraven en dan is het handig als je weet waar je moet beginnen.
De hond moet de vos nu uit zijn bouw jagen, zodat de jager de vos kan schieten. Als de vos geschoten is, kan het voorkomen dat deze slechts gewond is en zich terugtrekt in zijn bouw. In dat geval wordt de hond achter de vos aangestuurd en dient de hond de vos uit de bouw te slepen, zodat zeker kan worden gemaakt dat de vos dood is.

Hiernaast ziet u onze Pepper in een kunstbouw. Een kunstbouw is een bouw die door mensen is gemaakt en niet door vossen bewoond is (geweest). De vossengeur is te koop in een flesje en wordt door middel van een in deze geur gedrenkte lap in de bouw aangebracht. Op de foto betreft het een zogeheten 'mobiele bouw'. Dit zijn bouwen die gemakkelijk te demonteren zijn en op ieder grasveld aan te brengen. Deze bouw staat verre van de natuurlijke situatie, maar is ideaal voor het geven van demonstraties. Er bestaan ook 'vaste kunstbouwen'. Deze bouwen liggen op een vaste plaats onder de grond en lijken voor de hond veel meer op het echte werk.

Hiernaast ziet u een Jack Russell Terrier die de 'vos' aanblaft. Het betreft een opgezette vossenkop aan een bezemsteel die in een kist is gemonteerd. Door middel van de bezemsteel kan de instructeur de kop heen en weer bewegen en een walkman met kleine boxjes zorgt voor het bijpassende geluid.

De tralies zijn er om te voorkomen dat de al te fanatieke honden de opgezette vossenkop beschadigen. Deze zogenaamde vossenkist wordt meestal aangesloten op een mobiele bouw, zodat het voor de hond echt lijkt alsof hij de ketel van de vos heeft bereikt onder de grond.

De Werkende Terrier

In 2002 is de vereniging De Werkende Terrier opgericht om het 'werken' met de terriers in ere te houden. Wat zij eigenlijk voor ogen hebben, is door middel van simulatietrainingen het karakter wat nodig is om het werk te kunnen doen, te behouden. De Werkende Terrier is inmiddels omgezet naar een stichting en heet nu Stichting De Werkende Terrier. Zij heeft nieuwe proeven ontwikkeld van een hoger niveau (WTP). Meer hierover kunt u vinden op hun website.

Bent u geïnteresseerd geraakt en wilt u zelf met uw hond eens bij een training komen kijken? Dat kan! U kunt contact opnemen met het bestuur van de stichting.