Een korte handleiding bij uw pup

Een goede vachtverzorging bestaat uit borstelen of kammen en de controle op ongedierte zoals vlooien en teken. De vacht controleren op ongedierte doe je dagelijks. Voor een Parson Russell is een keer per week borstelen meer dan genoeg. Wanneer een pup al op jonge leeftijd gewend is aan borstelen en op tafel staan, vindt hij het best leuk.

Dit is ook de goede gelegenheid om gelijk het gebit te controleren. Als u de vaste term “tandjes kijken” gebruikt, zal de pup snel leren wat de bedoeling is. Is de pup klaar en zet u hem weer op de grond, geef hem dan na goed gedrag een kleine beloning. Een gladharige hond heeft het meeste baat bij een rubber borstel. Met een ruwharige moet u twee maal per jaar naar de salon, om te trimmen, of doe het zelf volgens het op deze website vermelde schema. Let op! Ze moeten geplukt worden en niet geschoren!! Door de ruwharige Parson te scheren, beschadig je de ondervacht en dat is niet meer te herstellen. Wassen doet u alleen wanneer het echt nodig is, als de hond buiten door iets smerigs heeft liggen rollen of onder een auto is doorgelopen, enz..

Let bij het wisselen van het melkgebit goed op of de hoektanden niet dubbel staan (de “oude” blijven wel eens zitten) Is dit het geval vraag dan even bij uw dierenarts of ze getrokken moeten worden. Dat voorkomt ontstekingen en het foutief groeien van het blijvende gebit. Tijdens het wisselen liefst geen trek- en sleurspelletjes doen. Het kan ook zijn dat de pup zijn oortjes vreemd gaat dragen in deze periode. Plak er kwartjes in met leukoplast en neem hem ’s avonds op schoot om een half uurtje de oortjes te masseren. Meestal hangen de oortjes dan weer perfect na het wisselen. Er bestaat ook een speciale lijm om de oortjes vast te plakken in die periode. Gebruik deze lijm alleen in overleg met uw fokker!

De eerste dagen kunt u het best elke keer na het slapen, eten en spelen met de pup even naar buiten gaan. Hij moet dan een plas of poepje doen en leert dan snel dat het buiten moet. Zeker wanneer hij dan uitbundig wordt beloont, met uw stem en een hondenkoekje. U kunt het ook leren door een krant bij de deur te leggen en hem daarop te zetten. Langzamerhand verplaatst u de krant naar buiten. De pup gaat de krant zoeken bij de deur en op dat moment lijnt u hem aan en gaat naar buiten. Kijk in het begin uit, niet te veel te lopen waar andere (niet ingeënte honden) worden uitgelaten, tot de pup volledig is ingeënt.

De eerste weken zit uw pup in de belangrijkste weken van zijn leven voor wat betreft het opdoen van allerlei indrukken, neem hem dan ook mee in allerlei situaties. Wat hij nu ervaart en leert, vergeet hij nooit meer. Bij vertoon van angst vooral niet belonen, behalve voor echt gevaar waar hij bang voor moet zijn. Beter is het te negeren (laat merken aan uw hond dat u datgene waar hij bang voor is de normaalste zaak van de wereld vindt). In bepaalde gevallen mag u uw pup best gerust stellen. Laat uw pup nooit alleen met kinderen of bij andere dieren. Wees consequent in uw opvoeding. Als uw pup op de bank mag, mag hij dit later ook als u een nieuwe bank heeft gekocht. Stel uw regels vast…
Straffen is uw pup op de rug leggen, even mopperen en geeft hij zich over dan is hij weer braaf. Met terugwerkende kracht straffen werkt niet.